Jacht op konijn

Een konijn leeft doorgaans in dichte dekking bijvoorbeeld onder en tussen de bramenstruiken en kreupelhout. Hij heeft een beperkt leefgebied.

De hond moet het konijn eerst proberen te vinden tussen het lage struikgewas en dan "opstoten" om het konijn uit de dekking te drijven.

Daarna moet de hond "luid gevend" het spoor volgen tot het konijn een hol ingaat. De konijnen zijn heel slim en misleiden de hond voortdurend voordat ze hard weg rennen naar hun schuilplaats.

Bij het meutewerk, waarbij meerdere honden tegelijk worden ingezet, reageren de honden op het "luid" van de andere honden. Waarna ze besluiten wel of niet mee te doen, afhankelijk van de belangrijkheid van het luid en van welke hond het luid komt (de honden weten al snel van elkaar of het luid gewoon lawaai maken is of echt luid).